Om een goed beeld op film te krijgen moet het negatief slechts korte tijd worden belicht. Daar zorgt de sluiter voor. Meestal biedt de sluiter een keus aan belichtingstijden van 1/1000 tot 1 seconde, plus een B-stand voor opnamen die langere tijd vergen. Er zijn twee typen sluiters: de centraalsluiter die het beeld vanuit het midden belicht en de gordijn- of spleetsluiter die het beeld van links naar rechts belicht.
